Slotles
Dag 29: Negenentwintigste Inspiratie
We zijn bijna aan het einde van de cursus. Vandaag een laatste tekst (met audio) als Inspiratie. Deze keer een passage uit ‘De ware verhalen van een Russische Pelgrim’:
“Geregeld heb ik heel wat vrome christenen het mondelinge Jezusgebed – volgens het gebod van Gods woord en op grond van de overlevering der heilige Kerk – horen verrichten, zowel thuis als ook in het bedehuis. Als je nu aandachtig en eerlijk naar dat zacht uitgesproken gebed luistert, kun je tot lering van je ziel constateren dat de klemtoon bij die biddende stemmen telkens anders valt.
Sommigen leggen de klemtoon meteen op het eerste woord: ze zeggen eerst ‘Heer’ en daarna alle volgende woorden met zachte, gelijkmatige stem. Anderen beginnen het gebed op gedempte toon, verheffen daarna hun stem, zodat de klemtoon op ‘Jezus’ valt – als een soort uitroep –, om vervolgens de andere woorden weer zacht uit te spreken. Nog anderen beginnen de inleidende woorden van het gebed op een lagere, eenvormige toon om dan de stem te laten opklinken bij de laatste woorden ‘ontferm u over mij’. Ten slotte zijn er die het hele gebed ‘Heer Jezus Christus, Zoon van God, ontferm u over mij’ op een vlakke toon uitspreken, maar daarbij ‘Zoon van God’ benadrukken. Luister nu naar het volgende: het is een en hetzelfde gebed!
De orthodoxe christenen hebben allen een en hetzelfde geloof, allen weten ze heel goed dat dit allerbelangrijkste en hoogste van alle gebeden uit twee elementen bestaat: het aanroepen van de Heer Jezus Christus en het vragen om zijn barmhartigheid. Maar waarom spreken ze het dan niet met dezelfde klemtoon uit? Waarom benadrukken ze bepaalde gedeelten op een persoonlijke manier? Het is alsof hun ziel door een bepaald gedeelte bijzonder wordt aangegrepen en ze dat door een sterkere, luidere klemtoon tot uitdrukking willen brengen. Misschien zullen er heel wat zeggen dat dat puur uit gewoonte gebeurt, of omdat iemand het zo van een ander heeft overgenomen, of ook wel omdat hij een bepaald idee van dat gebed heeft dat afwijkt van het idee van anderen, of ten slotte dat iedereen het gewoon uitspreekt zoals het hem het beste lijkt, al naargelang dus hetgeen de tekst in hem oproept…
Maar ik heb daar een heel andere mening over. Ik zoek het liever bij iets hogers, iets wat niet alleen de mensen die iemand horen bidden, maar ook de bidder zelf in feite onbekend is. Zou hier uiteindelijk niet een mysterieuze werking van de heilige Geest in het geding zijn: van de Geest die immers smeekt ‘[…] met verzuchtingen waarvoor geen woorden te vinden zijn’ [Rom. 8, 26] en ons onwetenden leert hoe we moeten bidden? Ook als iedereen die bidt in de naam van Jezus Christus, daartoe gedreven wordt door de heilige Geest, dan kan toch nog, zoals de apostel zegt, de in het geheim werkende Geest ‘de biddenden het gebed ingeven’ en ons tegelijk, ondanks ons onvermogen, zijn genaderijke gaven schenken: de één devote godsvrucht, de ander liefde, een derde standvastigheid in het geloof, weer een ander roerende deemoed…
Daarom zal iedereen die zo’n gave ontvangen heeft bijvoorbeeld met een vroom hart de majesteit van de Albestierder willen verheerlijken en dát in zijn gebed met bijzondere nadruk tot uitdrukking willen brengen als hij geestdriftig het woord ‘Heer’ uitspreekt – want hij zal in dat woord de majesteit en verhevenheid van de Schepper der wereld onderkennen. Een tweede, die op wonderlijke wijze de liefde zijn hart voelt overstromen, zal vooral in verrukking raken door de zoete kreet ‘Jezus Christus’ – zoals die starets die de naam ‘Jezus’, zelfs in een gewoon gesprek, niet kon horen zonder in verrukking te raken van zoete liefde. Iemand die onwrikbaar gelooft in de godheid van Jezus Christus, één in wezen met de Vader, zal bij het uitspreken van de woorden ‘Zoon Gods’ nog vuriger en vaster gaan geloven. En hij die de gave ontving van de deemoed en daardoor diep in zijn innerlijk de eigen onmacht ervaart, zal bij de woorden ‘ontferm u over mij’ verzwolgen worden door een nederig berouw en met bijzondere klemtoon de laatste woorden van het Jezusgebed uitspreken, uit afkeer van zijn zonden en in de hoop Gods barmhartigheid op te wekken.
Dat zullen, denk ik, de oorzaken zijn van dat verschillend benadrukken en beklemtonen als het gebed in de naam van Jezus Christus wordt uitgesproken. Door bestudering daarvan zouden we dus, tot meerdere eer van God en tot onze eigen stichting, kunnen ontdekken welke gevoelens bepaalde mensen bij het bidden bezielen en welke gave van de Geest ze hebben ontvangen.”
- Welk woord of welke zin van het Jezusgebed spreekt jou op dit moment het meest aan, en waarom juist dat?
- Hoe herken jij in je eigen gebed de verschillende gaven van de Heilige Geest, zoals liefde, geloof, deemoed of aanbidding?
- Wat leert deze tekst je over de vrijheid om het Jezusgebed op een heel persoonlijke manier te bidden, terwijl het toch hetzelfde gebed blijft?
Dag 30: Dertigste Inspiratie: het Slotwebinar
Het slotwebinar van deze cursus kun je hier terugkijken:
Tot de Zoon:
Heer Jezus Christus,
Zoon van God,
ontferm U over mij.
In het webinar kwamen twee alternatieve gebedszinnen van Tom Wright aan de orde:
Tot de Vader:
Almachtige Vader,
maker van hemel en aarde,
richt uw koninkrijk op onder ons.
Tot de Geest:
Heilige Geest,
adem van de levende God,
vernieuw mij en de hele wereld.







































