Welkom! Op deze donderdag, de vierde dag van onze vijfdaagse zomerschool, vind je op deze pagina weer nieuwe input en inspiratie voor jouw leerproces rond het ‘besef van Gods tegenwoordigheid’.

1

Lees uit ‘Besef van Gods tegenwoordigheid’ de ‘Leven met God’ (blz. 91-96) en ‘Keukengeheimen’ (blz. 99-108). Onderstreep de citaten of zinnen die je in het bijzonder aanspreken (of schrijf ze over). Je zult merken dat er best wel wat overlap is met de voorgaande delen van het boekje. Zoek daarom vooral eens naar de nieuwe inzichten die je ook hier toch weer tegen zult komen!

2

In het webinar dat je mee kunt maken om 10.30 uur (of later zelf terugkijkt) krijg je een toelichting bij enkele citaten uit de delen ‘Leven met God’ en ‘Keukengeheimen’.

3

Luister naar een preek die gaat over plekken waar we Gods aanwezigheid kunnen ervaren. Deze keer een preek over de ladder die Jakob zag bij Bethel. Je leest et verhaal in Genesis 28. De preek had als titel: ‘Hij zag een ladder’.

4

In het webinar van gisteren verwees ik onder andere naar Thomas Merton. Hier geef ik twee citaten door (uit verschillende boeken). Kauw er eens op. Ontdek of het je raakt en wat het met je doet.

Eerste citaat: “Contemplatie is de hoogste uitdrukkingsvorm van het intellectuele en spirituele leven van de mens. Het is het leven zelf, volledig alert, volledig actief en zich er volledig van bewust dat het springlevend is. Het is spirituele verwondering. Het is spontaan ontzag voor de heiligheid van het leven, van het zijn. Het is dankbaarheid te mogen leven, te ervaren en te zijn. Het is de heldere bewustwording van het feit dat ons leven en ons zijn voortkomt uit een onzichtbare, transcendente en oneindige overvloeiende bron. Contemplatie is boven alles gewaarwording van de realiteit van deze bron. Contemplatie kent  de verborgen en onuitsprekelijke bron met een zekerheid die verder gaat dan het verstandelijk denken en verder dan eenvoudig geloven. Want contemplatie is een soort spiritueel inzicht waarnaar zowel rede als geloof van nature streven, maar zonder contemplatie blijven deze altijd onvolledig. Contemplatie is anderzijds geen inzicht omdat er wordt gezien “zonder zien” en geweten “zonder weten”. Het is een dieper vertrouwen, een weten te diep dan dat het in beelden gevangen kan worden, of in woorden, laat staan in duidelijke begrippen. Het kan worden gesuggereerd door woorden en symbolen, maar op het moment dat er een poging gewaagd wordt aan te duiden wat er geweten wordt, neemt de contemplatieve geest terug wat hij heeft gezegd en ontkent wat hij heeft bevestigd. Want in contemplatie weten we door “niet te weten”. Of liever nog, we weten voorbij al het weten of “niet weten”.” (Thomas Merton, Zaden van contemplatie, blz 15.)

Tweede citaat: “Religie loopt altijd het gevaar haar innerlijke consistentie en bovennatuurlijke waarheid te verliezen wanneer zij niet bezield wordt door contemplatie. Het is het contemplatieve, stille, ‘lege’, en schijnbaar nutteloze element in het gebedsleven dat het tot werkelijk leven maakt. Zonder contemplatie dreigt de liturgie tot een vroom schouwspel te verworden en paraliturgisch  gebed tot louter gebabbel. Zonder contemplatie is gebed slechts een vruchteloze bedrijvigheid van het verstand. Weliswaar kan niet iedereen een contemplatief worden. Maar daar gaat het niet om. Waar het op aankomt, is een contemplatieve gerichtheid van het hele gebedsleven.” (Thomas Merton, Contemplatief gebed, blz.110)

5

Vandaag een lied dat aansluit bij het Jezusgebed waarover gisteren een onderdeel ging. Het wordt gezongen door Andreas Scholl. Onder het audiobestand vind je de tekst en de vertaling.

O Jesu nomen dulce / O Jezus lieflijke naam
Nomen admirabile bewonderenswaardige naam
Nomen confortans / troostende naam
Quid enim canitur suavius / wat is zoeter om van te zingen
Quid auditur jucundius / wat is vreugdevoller om van te horen
Quid cogitatur dulcius / wat is lieflijker om aan te denken
Quam Jesus dan Jezus
Dei filius / Gods Zoon

O nomen Jesu O naam van Jezus,
verus animae cibus / waar voedsel voor mijn ziel
In ore mel / honing in de mond
in aure melos / muziek in het oor
in corde laetitia mea / vreugde in mijn hart

Tuum itaque nomen / Daarom wil ik uw naam
dulcissime Jesu / liefste Jezus
in aeternum in ore meo portabo / eeuwig in mijn mond dragen

6

Als laatste een citaat dat ik heb ingesproken en dat je via onderstaande podcast kunt beluisteren. Het komt uit het slotgedeelte van het boekje ‘De contemplatieve weg’ van Franz Jalics. Het citaat spreekt me sterk aan omdat er wordt gewezen op het verlangen naar contemplatie: Het verlangen naar contemplatief gebed als teken van de tijd.