[26 juni 2021] Deze week verschijnt het nieuwe boek van Tim Vreugdenhil. De titel is goed gekozen en uitstekend getimed! De kerken gaan (net als de samenleving) weer open nadat ze dicht waren (in elk geval op zondag) vanwege de coronapandemie. Ze gaan weer open als gebouwen. Zullen ze opener zijn dan ooit? Of gaan we gewoon verder waar we ongeveer anderhalf jaar gebleven waren?

Als het aan Tim Vreugdenhil ligt gaat dat niet gebeuren. En wie zijn boek leest loopt ook het gevaar om te ontdekken dat dat ook niet de bedoeling is. Het kan en moet echt anders. Maar waarin zit dat andere?

Inhoud en inspiratie

Wat mij aanspreekt in het boek van Tim is dat hij gaat voor inhoud en inspiratie, niet voor nieuwe vormen, niet voor veranderingen, niet voor aanpassingen, maar voor een terug naar de kern, maar dan niet als obligate wens (want wie wil dat nu niet: ‘terug naar de kern’), maar als werkelijk nieuwe kans voor kerk zijn.

De kerk als plek waar je geloof, hoop en liefde kunt tanken, als plek waar je steeds opnieuw een beetje wordt geboren (8). En de coronacrisis als kans om niet vast te komen zitten in blikvernauwing maar juist een wijd gezicht open te zien gaan (22).

Vijf stappen

Wat Tim Vreugdenhil doet in zijn boek is: ons als lezer meenemen in vijf stappen die “essentieel zijn voor iedere vorm van ‘kerk’, ongeacht locatie, sociale samenstelling of theologie” (25) Hij stelt dat ze alle vijf even belangrijk zijn en brengt er ook een essentiële volgorde in aan: hun plek in de rij is niet uitwisselbaar. Daarom neem ik die vijf stappen hier over:

  1. Kerk-zijn staat of valt met spiritualiteit. Spiritualiteit gaat over ‘een gooi doen naar de ziel’. De kerk zou een oefenschool voor veerkracht moeten zijn.
  2. Kerk-zijn is een kwestie van innovatie. Elke tijd vraagt om een
    nieuw type kerk, de kerk die nog niet bestond. Daarvoor is een innovatieve mindset nodig.
  3. Kerk-zijn hangt in belangrijke mate af van de inhoud. Onze samenleving is arm aan ziel en geest. Zo’n tijd heeft soul
    food nodig om mensen te helpen opnieuw contact te laten krijgen met hun diepste verlangens.
  4. Kerk-zijn draait vandaag om communicatie. Het is zo belangrijk om woorden te geven aan de innerlijke onrust van mensen, om hoop te bieden en om de achterliggende vragen te stellen.
  5. Kerk-zijn is een zaak van community. Hoe kan de kerk vandaag een gemeenschap zijn van verschillende snelheden?

Ik ben uiteraard ontzettend blij met de prominente eerste plaats voor spiritualiteit. Want dáár liggen wat mij betreft inderdaad de kansen voor kerk zijn. Onze maatschappij is zwanger van een diep verlangen naar meer: meer zin, meer betekenis, meer veerkracht, meer liefde, meer ‘spirit’, meer authenticiteit, meer

Uitbundig

Tim stelt ongelooflijk veel aan de orde en doet dat op een inspirerende, innovatieve, intellectuele en inzichtgevende manier. Hij geeft echt stem aan belangrijke inzichten voor kerk zijn hier en nu (niet alleen in Amsterdam, maar overal).

Ik ga zijn boek nu niet uitgebreid weergeven, daarvoor zou ik het zelf ook nog eens helemaal goed moeten leezen (ik zie uit naar een fysiek exemplaar en heb het nu gedaan met een digitale versie). De ideeënrijkdom van het boek is zondermeer uitbundig te noemen! Wie het boek niet ter hand neemt, doet zichzelf en de kerk van de toekomst tekort.

Zielsarmoede

Ik zoom graag even in op het centrale en langste hoofdstuk 4: ‘Rijk aan ziel en geest. Over inspiratie’. De centrale stelling is dat onze samenleving (maar ook de kerk zelf!) lijdt aan zielsarmoede en dat de kerk (‘Hofleverancier voor spiritualiteit. Sinds 33 na Christus’) alles in huis heeft om iets te doen aan die armoede. De kerk heeft zielsverrijking te bieden!

‘Tijd van grote zielsarmoede. Stop. Grote honger naar inspiratie. Stop. Nieuwe onbevangenheid. Stop. Mensen snakken naar geloof, hoop en liefde. Stop. Eindeloos veel mogelijkheden. Stop.’ (26)

Tim Vreugdenhil wijst vervolgens zes wegen waarlangs de kerk bezig kan zijn met zielsverrijking. Hij laat zcih daarbij inspireren door Richard Carter die in 2019 het boek ‘The City is My Monastery. A Contemporary Rule of Life’ publiceerde. In dat boek wordt door Carter een leefregel uitgewerkt die zeven elementen kent:

  1. Silence
  2. Service
  3. Scripture
  4. Sacrament
  5. Sharing
  6. Sabbath
  7. Staying With

Tim sluit aan bij Carter door over zes thema’s te gaan schrijven. Dat wordt zo ingeleid:

Het boek van Carter bracht me op het idee: wat als kerken nu eens bij deze thema’s zouden beginnen? Wat als kerken de komende jaren louter déze onderwerpen aan de orde stellen? Naar mijn mening weerspiegelen de zes thema’s iets van de inspiratie die veel mensen – buiten en binnen kerken – in een tijd van zielsarmoede goed kunnen gebruiken. Mits de antwoorden op die vragen niet gesloten zijn maar open. Misschien
wel opener dan ooit.

De zes thema’s die Tim Vreugdenhil in ‘Opener dan ooit’ bespreekt zijn dan:

  1. Verlangen naar stilte
  2. Verlangen om te dienen
  3. Verlangen naar zeggingskracht
  4. Verlangen naar communie
  5. Verlangen om te delen
  6. Verlangen naar lange adem

Tekort aan stilte

Stuk voor stuk: geweldige thema’s! Hoe goed en gaaf zou het zijn als je hiervoor terecht kunt in de kerk, welke vorm die kerk dan ook mag aannemen. Een tweetal citaten over het eerste thema: Stilte.

Stilte is bedoeld om dichter bij die wereld – en ook dichter bij jezelf – te komen. Niet onze drukke agenda is de realiteit waarvoor de stilte dan dient als een vorm van afleiding, een ontsnappingsmogelijkheid. Het is eerder andersom: veel van onze bezigheden zijn, bewust of onbewust, een manier om te vluchten voor de kern van het bestaan. We hebben het te druk om niet ook vaak stil te zijn en stil te staan. De kunst van het stil kunnen zijn is een weg back to the basics. (65)

Een kerk zou vandaag vóór alles een ‘stiltecentrum’ moeten zijn. Een plaats of een groep waar iedereen aan deze taal kan meedoen en er vanuit de stilte plek is voor allen. Een ruimte of een tijdstip waar je de stilte betekenis verleent. Een afspraak dat we aan iedere minuut ‘zendtijd’ vijf minuten stilte toevoegen. Ons teveel aan prikkels heeft een tekort aan stilte als keerzijde. (70)

Vreugdenhil geeft zelf aan dat hij de thema’s niet op dezelfde wijze (en met dezelfde uitgebreidheid) bespreekt als Carter. En dat is natuurlijk prima. Toch gaat er bij de vertaalslag die in ‘Opener dan ooit’ gemaakt wordt wel iets verloren van het praktisch-monastieke, het spirituele van de toonzetting van Carter.

Van thema’s naar praktijken

Dat blijkt ook uit de manier waarop Tim Vreugdenhil het zelf zegt: “Wat als kerken nu eens bij deze thema’s zouden beginnen? Wat als kerken de komende jaren louter déze onderwerpen aan de orde stellen?”

Want het gaat bij Carter niet primair om ‘onderwerpen’ of ‘thema’s’ maar om praktijken. We kunnen heel veel spreken en nadenken over stilte – en dat is ook waardevol – maar uiteindelijk gaat het om de beoefening ervan: dat we tijd en ruimte vinden of creëren om daadwerkelijk stil te zijn.

Dus als ik over dit inspirerende, innovatieve, intellectuele en inzichtgevende boek (dat je niet ongelezen moet laten als de kerk je aan het hart gaat) één kritische opmerking zou maken, dan ging die opmerking over dat aspect van het ‘intellectuele’ waarmee het praktisch-spirituele toch wat naar de achtergrond verschuift.

Verlangen

Ik geloof net als Tim Vreugdenhil dat de kerk van vandaag meer dan ooit moet aansluiten bij de verlangens die leven in de samenleving, maar net zo goed in de kerk. Die verlangens moeten geïdentificeerd, doordacht en in gesprek gebracht worden. ‘Opener dan ooit’ is het boek dat daarbij op sublieme wijze een helpende hand biedt.

Maar als die verlangens gezien, beleefd, ervaren worden, dan is vervolgens (maar misschien ook al wel eerder) van het grootste belang dat er praktijken worden aangeboden en ingeoefend die helpen om niet alleen te reflecteren op zielsarmoede en zielsverrijking maar om daadwerkelijk praktisch-spiritueel zielsverrijkend bezig te zijn. En dat op alle door Tim Vreugdenhil aangeduide aandachtsgebieden of thema’s (en hij geeft aan dat er zeker ook meer te bedenken zijn):

  1. Contemplatieve praktijken (stilte)
  2. Dienstbare praktijken (dienen)
  3. Leespraktijken (zeggingskracht)
  4. Connectieve praktijken (communie)
  5. Deelpraktijken (delen)
  6. Praktijken van volharding (lange adem)

Stiller dan ooit

En als ik dan tenslotte dichtbij mijn eigen specifieke verlangen blijf (het verlangen naar stilte en contemplatie), daarin ook gestimuleerd door Tim Vreugdenhil zelf die op de laatste bladzijde van zijn boek zegt: “In welke context jij ook leeft, er is iets unieks aan je. Iets wat alleen jij op die manier kunt geven” (148) – dan zou ik erop willen attenderen dat in elk geval in het boek van Carter – de inspiratiebron voor ‘Opener dan ooit’ – het verlangen naar en de praktijk van de stilte bewust op de eerste plaats staat.

Samuel Wells wijst daarop in het voorwoord van het boek van zijn collega Richard Carter, allebei werkzaam in St Martin in the Fields in Londen. De hernieuwde visie van Richard Carter “for a deeper, holier life involved one thing more than anything else: silence” (xi).

Laat een kerk
die opener is dan ooit
vooral ook
stiller zijn dan ooit.

It is the silence that offers space for our lives
Too big and complex to be contained or explained by any words
It is the silence of God that gives a home
to all the hopes, the fears, the fragments, the layers, the tangents, the tangles and the tearings
And in the silence God holds us, all of us, and tells us
‘You are mine’.


(Richard Carter, The City Is My Monastery, 2)


Wie meer wil weten over drie basale contemplatieve praktijken (lectio divina, het Jezusgebed, centering prayer – alle drie komen ze ook uitgebreid aan de orde in Carters boek) kan terecht bij deze online cursus: Stil, mijn ziel, wees stil (21 lessen).


Luister hier naar het gesprek dat Tim Vreugdenhil en ik onlangs hadden over ‘Geloven als een millennial’: